De grens is bereikt: Misiekaba’s verdachtmakingen ondermijnen elke norm van fatsoen en democratie

 

De verkiezingscampagne van 2025 is onmiskenbaar in volle gang. De toon verharden mag in verkiezingstijd gebruikelijk zijn, maar wat we recent van André Misiekaba hoorden, gaat niet meer over politiek het is karaktermoord, verpakt als een verkiezingstoespraak (Waterkant.net, 7 mei 2025).

Zonder ook maar één deugdelijk bewijs beschuldigde Misiekaba de VHP van verkiezingsfraude. Niet in een officiële klacht, niet in een parlementair debat, maar via publieke uitspraken zonder onderbouwing, zonder feiten, en vooral: zonder fatsoen.

In elke volwassen democratie is er ruimte voor kritiek, debat en zelfs harde woorden. Maar wat Misiekaba deed, is die ruimte misbruiken. Hij tastte niet alleen de integriteit van een politieke partij aan, maar zette moedwillig het vertrouwen van de burger in het hele kiesproces op het spel. Dat is geen politiek. Dat is laster.

Hoe kunnen we spreken van leiderschap als men denkt dat het verdacht maken van tegenstanders een verkiezingsstrategie is? Een voormalig minister weet als geen ander wat de gevolgen zijn van roekeloze uitspraken. Hij weet welk gewicht zijn woorden dragen. En toch kiest hij ervoor om te insinueren, te beschuldigen, te verdelen. Dat is geen leiderschap dat is lafheid vermomd als moed.

En dan komt dit ook nog eens van een kopstuk van de NDP een partij onder wiens beleid Suriname afgleed naar economische chaos. De regering waarin Misiekaba zelf een sleutelrol speelde, liet een land achter met miljarden aan schulden, een leeggeroofde Centrale Bank (Reuters, jan. 2020), en een bevolking in armoede (IMF Country Report, 2021). 

In 2020 verdween meer dan USD 100 miljoen uit de kasreserves van de Centrale Bank van Suriname, een zaak waarbij de toenmalige governor werd gearresteerd (NOS, jan. 2020).

Het morele recht om anderen de maat te nemen, lijkt daarmee verloren.

Politiek moet draaien om oplossingen, om principes, om visie. Niet om beschuldigingen zonder fundament. Niet om moddergooien. Niet om het kapotmaken van vertrouwen in het democratisch proces.

De verkiezingen van 2025 gaan over keuzes maar ook over normen. Wie leiderschap claimt, moet zich gedragen als een leider. Dat betekent: fatsoen, zelfbeheersing en respect voor de waarheid. Alles wat Misiekaba in zijn recente uitlatingen naast zich neerlegde.

Suriname verdient een eerlijk debat. Geen schouwspel vol verdachtmakingen. En de kiezer? Die ziet het. Die herkent het verschil tussen een leider en een lasteraar.

Wie met modder gooit, verliest zelf het meeste grond.

Column: A.K. Jitan

Comments

Popular posts from this blog

Afscheid aan President Santokhi

Mevrouw Cotino’s uitspraak zaait verdeeldheid in Suriname

Vijftig Jaar Onafhankelijk: Belofte, Illusie en Realiteit.